Deze zaterdag begon met een grijze lucht en later viel daar af en toe wat regen uit. Maar daar liet ik me niet door weerhouden. Al ruim voor tienen was ik op pad. Tram nummer 1 bracht mij naar de buurt waar het Nagasaki Prefectural Art Museum ligt. Een vrij nieuw, heel modern gebouw, bestaand uit twee volumes, eentje open en de andere gesloten, met elkaar verbonden door een omsloten brug.
Zoals al vaker had het een redelijk bescheiden aanbod. Wat design van lokale ontwerpers (vermoed ik), een zaal met moderne kunst (Picasso, Miró), een collectie Spaanse schilderijen die gedurende de laatste wereldoorlog verzameld was door de Japanse ambassadeur in Spanje (Yakichiro Suma — kleurrijk figuur, schijnt het), en een tentoonstelling over Kitty, die pas volgende week open gaat. Dat heb ik vaak: ga ik naar een museum, zijn ze nog bezig met afbreken of opbouwen.
Veel van het tentoongestelde mocht niet gefotografeerd worden. Van wat wel mocht een tweetal plaatjes:


Deze ’G-type Soy Sauce Bottle’s zijn in 1958 (!) ontworpen door Masahiro Mori & je ziet ze nog steeds overal in restaurants. Teken van goed ontwerp.
Na alles bekeken te hebben wou ik wat vitamine tanken bij het Museum Café, maar moest nog even wachten tot het openging. Net als deze meneer.

Als allereerste gast van de dag kreeg ik nummer 1 mee na besteld te hebben. Sinaasappelsap, wat ik echt nooit drink, maar vitamine, en een Baskische stijl cheesecake.

Omdat ik het de barista van een eergisteren beloofd had, en ook omdat ik echt nieuwsgierig was, was mijn volgende bestemming het ‘hoofdkwartier’ van Kariomons Roastery in Morimachi, waar (alweer!) tram 1, na een wat warrige tocht naar een vertrekhalte door een miezerend havenkwartier, mij een dik half uur later bracht.
Leuke zaak. De barista sprak redelijk Engels, de iced americano (een washed Caturra uit Honduras) was heel lekker. Ik raakte in gesprek met een jonge Japanner die naast me zat. Hij bleek onderwijzer te zijn aan het basisonderwijs, op bezoek vanuit Oita, een plaats drie auto-uren naar het noordwesten, waar volgens hem het allerbeste seafood vandaan kwam. Na een wat aarzelend begin kwam er mooi gesprek op gang; hij vroeg van alles aan me en ik moest mijn best doen om het zo duidelijk mogelijk te vertellen — de Japanse zinsopbouw en de Engelse verschillen zo dramatisch van elkaar dat de ‘ontvanger’ als snel de draad kwijt raakt als je niet kort en bondig bent.
Ik bood hem nog wat aan, maar hij moest weg. Dus dronk ik in mijn uppie nog een pour over van een Rwandese boon (washed Bourbon Sovu), die de barista me al had laten proeven. De roaster heb ik niet gezien, die stond een verdieping hoger; een antieke Probat, werd mij verteld.

Het regenen was inmiddels bijna opgehouden en de tijd drong ook een beetje, want ik had een tip van Craig Mod onthouden: een shabu shabu tentje dat lekker dwars Shaba Shaba heette en (niet toevallig) in de buurt van mijn hotel lag. Het tentje ging om half drie dicht. Dus weer met nummer 1, de andere kant op. Inmiddels vond ik mezelf al een expert tramreiziger…


Shaba Shaba bleek een behoorlijk klein tentje te zijn; met moeite had je er 15 mensen in kunnen persen, maar op het moment dat ik er kwam was enkel de chef aanwezig. En een hond. Zijn hond, denk ik.


Shabu 2x is dus curry, maar de grap van deze is dat er twee curries aan te pas komen: een met vis en een met vlees. Gescheiden door een dammetje van basmatirijst. Heel erg lekker, maar blijkbaar deed ik iets niet goed toen ik de curries om en om at, want chef gebaarde mij dat ik alles moest mixen, de taco in mijn vuist erboven vermorzelen, en gaf me nog een extra stukje citroen om over de mix uit te persen. Ik kan hem geen ongelijk geven: het was perfect en vooral mooi in balans. En dat voor een tientje, ongelooflijk. Typisch geval van één gerecht tot in de puntjes beheersen. Want chef verkocht alleen single en dual, maar volgens mij stond die eerste optie alleen maar op het menu voor de sier — dual was the way to go, voor iedereen.

Na dit super-maal liep ik, nu gelukkig vrijwel het hele end door overdekte straten, naar mijn hotel. Ik kwam nog door de Walvisstraat. Kocht fruit (mis ik behoorlijk) bij een kleine supermarkt, zag weer eens een heel typische gevel & ging eenmaal in het hotel eerst eens de Volkskrant inclusief Magazine lezen en vervolgens de was doen (coin operated). Dat moest zeker gebeuren, want het eind van schoon goed was in zicht.


Voor morgen ligt het programma nog niet vast. Hangt van het weer af.













































