Misschien een rare titel, maar dekt wel de lading. Ik schrijf dit in kamer 1111 van het Benesse House Park Hotel, op het eiland Naoshima, dat deel uitmaakt van Benesse Art Park. En het is, net als negen andere gebouwen op dit eiland, ontworpen door de fameuze Japanse architect Tadao Ando.
Om zoveel mogelijk te profiteren van de dag ben ik vroeg opgestaan, dat willen zeggen voor mijn doen, om half negen, heb mijn koffer door de supercorrecte baliemedewerksters laten versturen naar het hotel in Kobe waar ik zaterdagavond incheck (heel handig om niet zoveel baggage mee te hoeven zeulen; ik heb nu een rugzakje met twee verschoningen en nog wat, plus een schoudertas bij me), kon op het station warempel de goede trein richting Uno vinden en kwam zonder kleerscheuren, na een enkele overstap, aan bij de plek waar de ferry naar Naoishima vertrekt.
Dat deden trouwens meer mensen, maar een en ander werd met Japanse efficiency afgehandeld en na een korte boottocht belandde ik op het eiland.

Een courtesybus van Benesse bracht mij naar een plaatsje aan de andere kant van het eiland, Hommura, en nam mijn rugzak en tas mee naar het hotel. Het eerste aanlegpunt voor mij was het Naoshima New Museum of Art, ook ontworpen door Tadao Ando…

Het hier getoonde had heel hoge kwaliteit. Ik was vooral onder de indruk van een project (de naam van de kunstenaar zoek ik later nog op, sorry) bestaande uit een aantal aaneengeschakelde kamers, helemaal vervaardigd uit gekleurd gaas en draad. Iedere kamer stond voor een vertrek in een stad waar de kunstenaar geweest was en had een eigen kleur.


De mate van detaillering was ongelofelijk. En het was razend knap gemaakt.
Het gebouw ook. Ando wordt wel de meester van het beton genoemd en die titel is hij zeker waard. De ruimtes in zijn gebouwen zijn soms beklemmend, dan weer openen ze zich naar de hemel, of omvatten je op een bijna baarmoederlijk wijze.


Deze installatie met opgezette (of heel knap nagemaakte) wolven was exceptioneel. Met nagenoeg onzichtbare draden opgehangen, elke wolf met een eigen onderscheidende identiteit en uitstraling. Humoristisch, toch vervreemdend.
En zo was er meer moois te zien. Ik heb na alles bekeken te hebben een iced latte gedronken in het Museum Café, met avocadotoast, en ben toen op weg gegaan naar het Ando Museum. Dat had middagpauze, dus heb ik het dorpje verkend. En er werd gebouwd met hout.

In een Coöperatie-winkel nog wat fruit en een ijsje gehaald, dat opgegeten, en mooi op tijd terug bij het Ando Museum. Wat alweer een hele goeie ervaring was. Van alle tien objecten die hij op dit eiland gebouwd heeft waren er ontwerpschetsen, plus de nodige informatie over ander werk van hem. Plus natuurlijk een overzicht van leven en carrière van de goede man. Opmerkelijk is dat hij zichzelf geschoold heeft tot architect en al heel snel doorbrak tot de hogere regionen van de architectuur. Leuk om te weten is dat hij een van zijn eerste projecten in beton later teruggekocht heeft en daar zijn studio vestigde.


Op de plek waar het busje van Benesse me afgezet had, kon ik weer opstappen om naar het hotel geraken. Inmiddels was de zon al bijna onder en dat levert vaak mooi zacht licht op, en stemmige foto’s.

Het inchecken was een ervaring op zich. Alles werd uitgebreid uitgelegd. En dan mijn kamer. Ook hier weer typische Ando-dingen qua vormgeving en detaillering. Dit keer voornamelijk in hout, wat, zo zei mij de juffrouw die mij naar de kamer bracht, heel bijzonder was. Geloof ik onmiddellijk.

In elke kamer van dit hotel hangt een kunstwerk, dus het hotel is ook een museum. In de mijne een prent van James Turrell.
Na even bijkomen heb ik de kunst in de rest van het gebouw bekeken, de shop even doorvorst, om daarna op weg te gaan naar wat het oorspronkelijke museum is, dus het allereerste gebouw.


Ook hier weer kunst van hoog niveau, zoals deze van David Hockney.


Ando is dus een meester van het licht en gebruikt vaak op het oog op vreemde plekken geplaatste openingen, die je dus pas snapt als je er werkelijk bent. Ik vind het waanzinnig. Veel mensen vinden beton kil en zakelijk, maar wie mijn woning kent weet dat ik daar anders over denk. Ik ben een fan van Ando.
Ok, dat is duidelijk. Het is inmiddels donker, de krekels doen wat ze doen, ik heb gedoucht en een bad genomen en verheug me al op morgenochtend: een Japans ontbijt en nog wat bezichtigen op dit wonderlijke eiland.