Het is alweer donderdag 3 april en ik zit op kamer 705 van Hotel Briller dit verslagje te tikken. Onderaan deze post een foto van mijn kamer, dat wil zeggen de hoek met het bed.
De verplaatsing van Osaka naar Kyoto ging redelijk soepel. Uitchecken in Osaka moest voor tien uur en dat heb ik ook braaf gedaan. Rond elf uur stond ik al bij de balie van hierboven vermeld hotel om mijn bagage af te geven. Het hotel ligt namelijk op slechts driehonderd meter of daaromtrent van Kyoto Station. Makkie, dus.
Met veel minder bagage liep ik terug naar het station. Ik moest namelijk aan de andere kant ervan zijn, bij het busstation. Bijna zeven jaar geleden was ik ook in Kyoto en hoewel ik dacht een slecht geheugen te hebben, kwam veel van toen nu terug. Ik herkende heel veel. Niet fout voor een bijna zeventiger (oké, dat duurt nog een jaar en een dikke maand…).
Met bus nummer 17 op weg. Naar The Museum of Kyoto. Niet dat de bus er voor de deur stopt — het was best een stuk lopen vanaf de halte die de app aangaf.

Mijn insteek bij het bezoeken van plaatsen die je misschien wel kent, is dat je zoveel mogelijk van de begane wegen moet afwijken. Dat betekent dat als je ziet dat de massa zich via route A verplaatst naar punt B, je beter kun kiezen voor route Omega. Zo ook in mijn en dit geval. En wat zie je dan? Grappige dingen.

Of rare dingen. Zoals dit staaltje van bouwkunst en rommelig materiaalgebruik.

Na een kort intermezzo in een Paul (globale keten van boulangers op franse grondslag), waar ik een ijskoffie en een broodje mozzarella en tomaat nuttigde, begon ik aan mijn bezoek aan het museum. Waar een Special Exhibition was, in de vorm van een rondreizend circus, genaamd ‘Canaletto and the Splendour of Venice’. De kleine Canal was in de achttiende eeuw een gevierd schilder in het genre vedette. Dat zijn stadsgezichten en in dit geval zijn het die van Venetië die Canaletto tot een gezocht artiest maakte. Er bestond toen een vorm van toerisme voor de rijkere klassen, de zogeheten Grand Tour, en de patsers die zich dat konden veroorloven kochten dus schilderijen van de plekken die ze bezochten zoals hedendaagse toeristen prentbriefkaarten kopen (of zich suf fotograferen). Canaletto was dé schilder van Venetiaanse stadsgezichten en super populair. Hij heeft ook nog een decennium in Engeland verbleven en ook daar veel schilderijen gemaakt.
Ik vind het dus prut. Sorry, maar het is allemaal van een saaiheid en zo emotieloos van uitdrukking geschilderd; het lijkt wel paint-by-numbers als je inzoomt. Hoewel in sommige schilderijen wel iets van humor zit wat betreft activiteiten van de kleine mensfiguurtjes en het latere werk wel wat losser van toets is, blijft het zielloos. Maar dat is mijn mening en wat zegt dat?

Een opsteker was de vaste opstelling over de geschiedenis en cultuur van Kyoto. Ook hier veel maquettes en modellen, hoera! Hieronder zoom ik even in op een bouwplaats van een groot gebouw waar een dakdekker bezig is materiaal te sorteren.

En dit is onderdeel van een lange maquette van een straatbeeld met allerlei winkels en werkplaatsen. Hier is men bezig om een dak af te werken. Let ook op de bamboestokken en verzwaringen die er bij de naburige panden op de daken liggen. Die plankjes die als dakbedekking gebruikt worden zijn meestal ceder en vrij dun, dus dan kan zomaar wegwaaien. Vandaar dat extra spul erop.

Weer een leuke expo. Omdat ik nog geen bak warme pleur had gehad, ben ik naar de aanpalende Maeda Coffe Bunkap-Shop gegaan. Keuze uit specialty coffee, pour over natuurlijk; ik nam de Ethiopische en erbij sandwiches.


Met het innerlijk versterkt leek het me opportuun om een volgende bestemming aan te vizieren, namelijk de Imperial Gardens met daarin het Imperial Palace. Dat moest lopend te doen zijn — iets van 800 meter vanaf het museum. Een stukje verder kon ik het groen van de tuinen al ontwaren aan het eind van de straat!

Om niet te vergeten dat het Sakura is, ook nog even wat bloesem in Kyoto:

En om nog even te memoreren dat qua architectuur alles kan in Japan, hier iets wat ik onderweg tegenkwam — een fraai staaltje Brutalisme, alhoewel ik betwijfel of die stijl de bedoeling was; het lijkt me eerder het toevallig resultaat van een opvolging van logisch lijkende keuzes.

En wat te denken van dit bord bij de ingang van een wasserette?

Toen ik bijna aan het eind van de straat was, begon het een beetje te miezeren. Gelijk allemaal mensen met paraplu’s, you know the drill, maar ik doe daar niet aan, dus ferm voorwaarts. Bleek dat ik dan wel de rand van het park bereikt had, maar nog lang niet het paleis erin. Dat was nog eens 800 meter verderop. Hieronder de eerste hoek van het paleiscomplex. De ingang ligt nog weer eens een paar honderd meter verderop, links op de foto…

Uiteindelijk kwam ik er wel. Toegang bleek gratis. De bagage werd gecheckt en je kreeg een badge, met een volgnummer erop, aan een lint, aangereikt, dat je ten allen tijde zichtbaar over je buitenkleding moest dragen (ik had nummer 672), waarna je een aangegeven route moest volgen. Als je tegen de richting inliep, dus tegen de stroom in, werd je daar ogenblikkelijk op aangesproken door een medewerker, die je met de armen uitgespreid, weer de goede kant opdreef, als ware je een van de kudde afgedwaald kalf.
Maar wat hadden die keizers het vroeger breed. Het terrein was niet alleen gigantisch, maar ook de gebouwen hadden veel omvang en allure. Ik ben een liefhebber van mooie houten constructies en hier was er volop om van te genieten.


De schaal van alles was immens. Voor ieder akkefietje werd een speciaal gebouw neergezet. Zo was er een paviljoen waar een tijdje een of andere spiegel die tot de drie oerregalia behoorde bewaard werd. Een andere vleugel werd gebouwd omdat de keizer in plaats van met een draagstoel (palankijn) vervoerd werd met paard en koets, ergo een andere manier van opstappen en dus een nieuwe vleugel…
En dan hoe de ruimtes tussen de gebouwen vormgegeven werden. De sjieke mensen liepen natuurlijk door overdekte gangen en veranda’s, dus wat deden ze dan met die binnenplaatsen? Strak aangeharkt grind!

Wat te denken van de hoek van een gebouw, waar allerlei balken bij elkaar komen? Hoe gaaf is dat en wie kon hier überhaupt kaas van eten?

Al die gebouwen zijn natuurlijk niet gelijktijdig neergezet. Er is ook vaak wat afgebrand en weer herbouwd of gesloopt en vervangen. Een en ander in een aantal benoemde stijlen, maar compleet in harmonie met elkaar.

Wat is een paleis zonder tuin? Afgezien van het feit dat dit paleis al in een tuin ligt, heeft het ook weer tuinen. De een nog mooier dan de ander.
Hier rondlopend bedacht ik dat de huidige toestand van gebouwen en omgeving slechts een flauwe afspiegeling van die vroeger kan zijn. Er moeten honderden, zo niet duizenden mensen, dag en nacht in de weer geweest moeten zijn om alles spic en span te houden. Ik stel me voor dat tuinlieden in slagorde op de knietjes gras perfect op lengte knipten, weer anderen in rotten het grind in perfect rechte en evenwijdige lijnen harkten. Wat zal dat voor schouwspel opgeleverd hebben, vooral omdat alles natuurlijk buiten het gezichtsveld van de bewoners gebeurd zal zijn.

Op een gegeven moment was er iets verwarrend qua route. Je kon ergens links of rechtdoor. De pijlen wezen links, dus die kant ging ik op, met de gedachte dat ik wel weer terug zou kunnen om de andere mogelijkheid te verkennen…

Niet dus, want na het bekijken van de binnenplaats slash tuin, waar bovenstaande beeld tot stand kwam, werd mij het teruggaan belet door zo’n breed zwaaiende medewerkster (!). Ik moest de route blijven volgen. En die leidde naar de EXIT.
Niet erg. Ik had genoeg gezien. En het park was ook fraai…

Voor zover het keizerlijke gebeuren in deze keizerlijke hoofdstad (Kyoto betekent zoiets als hoofdstad van het westen, terwijl Tokyo staat voor hoofdstad van het oosten). Tijd om het hotel op te zoeken en in te checken. Met de metro ging dat vlot, afgezien van het feit dat ik, al mijmerend over al wat ik gezien had en de mores van de medemens en nog zo meer wat er door iemands hoofd kan gaan, een station te laat bemerkte dat ik had moeten uitstappen. Die misser was snel hersteld en tegen half vijf was ik op mijn kamer, die zeker drie vierkante meter groter was dan wat ik tot nu toe meegemaakt had. Zie laatste afbeelding van deze post.


Het is alweer kwart over elf en ik hoop dat ik niet al te veel fouten gemaakt heb, want de puf is op.
C U!